Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002

Alinea 191 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AB2825.

6.9 Aan het in 6.8 gegeven oordeel doet niet af hetgeen in het (...) Slotprotocol Ad Artikel 2 tot 8, derde lid is bepaald. Bij de toepassing van deze bepaling heeft de inspecteur, kennelijk op verzoek van belanghebbende, op grond van de in 5.6 opgenomen resolutie van de staatssecretaris van Financiën van 10 mei 1955, nr. 8, BNB 1955/195, letter a, van deze bepaling buiten toepassing gelaten. De enkele toepassing van letter b, van de hiervoor aangehaalde bepaling betekent naar 's Hofs oordeel niet dat Nederland de op grond van het Verdrag Nederland-Zwitserland vrij te stellen winst in haar belastinggronddslag heeft betrokken om daarover Nederlandse belasting (bij) te heffen, maar houdt slechts toepassing van het zogenoemde progressievoorbehoud in ter bepaling van de belastingdruk op het in Nederland belastbare deel van het inkomen. Feitelijk is hoe dan ook geen sprake van belastingheffing door Nederland over de aan Zwitserland toegerekende winst."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6033f4ddd252fc647601745e05302758317ffcaab56e7a9c6fee83b166338f8a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6033f4ddd252fc647601745e05302758317ffcaab56e7a9c6fee83b166338f8a, en de alinea staat in dat document op bytes 58615 tot 59590.