Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002

Alinea 96 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AB2856.

6.3 Er zijn er die menen(21) dat indien de EG-Commissie een bepaald bijzonder fiscaal staatssteunregime van een Lidstaat verenigbaar heeft verklaard met de interne markt, dat regime een "communautaire maatregel" geworden zou zijn. De andere Lidstaten zouden in die opvatting in strijd handelen met de ex art. 5 (thans 10), laatste volzin, EG-Verdrag te betrachten negatieve gemeenschapstrouw indien zij het benutten van dat regime voor winstdrainage uit hun jurisdictie tot misbruik zouden bestempelen en op die grond tegenmaatregelen zouden toepassen, zoals weigering van de deelnemingsvrijstelling voor beleggingsdochters die naar dergelijke regimes overgebracht zijn, toepassing van CFC(22)-wetgeving op dergelijke beleggingsdochters, of, zoals in casu, weigering van aftrek van een (kennelijk; het Hof heeft zich in die vraag niet verdiept) kunstmatig op gang gebrachte rentestroom van een hoogbelastende jurisdictie naar een dergelijk laag- of niet-belastend bijzonder regime.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff06c5840517b26b3986c3af126699fc79ee623831b1b98e05ffe9fc8afe8d1b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff06c5840517b26b3986c3af126699fc79ee623831b1b98e05ffe9fc8afe8d1b, en de alinea staat in dat document op bytes 48050 tot 49044.