Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002
Alinea 43 Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AB2873.
21. Niet iedere door een bewoner gegeven toestemming tot het binnentreden in diens woning, in welke vorm dan ook gegeven, legitimeert tot iedere wijze van onderzoek die de opsporingsambtenaren wensen te verrichten. Er moet vastgesteld kunnen worden dat de gegeven toestemming zich uitstrekte tot het ingestelde onderzoek, met de mate van grondigheid die het heeft vertoond. Denkbaar is dat de bewoner zijn toestemming op enigerlei wijze beperkt, bijvoorbeeld tot onderzoekshandelingen van een specifieke aard. Indien een dergelijke beperking niet nadrukkelijk is aangebracht zal aan de hand van de omstandigheden van het geval bezien moeten worden of de toestemming zich kennelijk uitstrekte tot het onderzoek zoals dat is verricht. Tot die omstandigheden behoren de voor de (verdachte) bewoner kenbare redenen die de opsporingsambtenaren hebben om toestemming te vragen voor het binnengaan in zijn woning.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff3b65289b7020f28f518d0070040cdee90cc3c37f1068e9d082d0c2ca02f7eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff3b65289b7020f28f518d0070040cdee90cc3c37f1068e9d082d0c2ca02f7eb, en de alinea staat in dat document op bytes 16002 tot 16922.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ff3b65289b7020f28f518d0070040cdee90cc3c37f1068e9d082d0c2ca02f7eb | shasum -a 256