Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD4932.

2.3 Vanuit dit uitgangspunt klaagt het middel erover dat de rechtbank heeft blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting door te oordelen dat [verweerder] ingevolge het bepaalde in art. 798 lid 2 Rv. als belanghebbende bij het verzoek dient te worden aangemerkt, zodat voor hem hoger beroep tegen de beschikkingen openstaat. Deze klacht wordt in twee onderdelen uitgewerkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/68fd04f534c2c0f5d052eb88af8a46f03ce2c445423cdee0c8f25efb42579199. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 68fd04f534c2c0f5d052eb88af8a46f03ce2c445423cdee0c8f25efb42579199, en de alinea staat in dat document op bytes 14664 tot 15052.