Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2002

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD4939.

2.3 [Verzoekster] heeft in feitelijke instanties slechts gesteld, dat zij wordt gefinancierd door middel van een achtergestelde lening van haar aandeelhouders.(4) De stelling van het onderdeel dat deze achtergestelde lening pas behoeft te worden terugbetaald bij liquidatie van de vennootschap vormt een ongeoorloofd novum in cassatie.(5) Reeds hierop stuit het onderdeel in zijn geheel af.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/64c631085ccca0d525684f8142e33a7c23aab5b9cc37ef614ddf93ecfafe964d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 64c631085ccca0d525684f8142e33a7c23aab5b9cc37ef614ddf93ecfafe964d, en de alinea staat in dat document op bytes 11929 tot 12332.