Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2002

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD4939.

2.7 Het hof heeft geoordeeld dat van een pluraliteit van schuldeisers kan worden gesproken. Dit oordeel kan naar mijn mening niet worden aangetast door hetgeen onderdeel 1 over de aard van de betrokken achterstelling aanvoert. Dat betekent dat [verzoekster] bij de in het onderdeel vervatte klachten geen belang heeft, met uitzondering van de klacht, geformuleerd onder randnummer 8. Die klacht, die niet de door het hof aangenomen pluraliteit van schuldeisers betreft maar is gericht tegen het oordeel dat [verzoekster] in de toestand verkeert dat zij heeft opgehouden te betalen, lijkt mij te passen binnen het breder opgezette onderdeel 2 en zal (uiteraard ontdaan van het novum dat de achtergestelde lening pas behoeft te worden terugbetaald bij liquidatie van de vennootschap) bij de behandeling van dat onderdeel worden betrokken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/64c631085ccca0d525684f8142e33a7c23aab5b9cc37ef614ddf93ecfafe964d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 64c631085ccca0d525684f8142e33a7c23aab5b9cc37ef614ddf93ecfafe964d, en de alinea staat in dat document op bytes 15847 tot 16696.