Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002
Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5235.
Maar ook als de telastelegging zou hebben geluid als de pleitnota aangeeft vermag ik niet in te zien dat de consequentie zou zijn dat de dagvaarding op dit punt nietig zou moeten worden verklaard. De advocaat voerde in zijn pleitnota aan dat er mogelijk twee organisaties hebben bestaan, ieder met een verschillend oogmerk. Ook dan geldt het bovenstaande. De telastelegging houdt ook dan de mogelijkheid in dat verdachte heeft deelgenomen aan de organisatie die het oogmerk had gericht op mensenhandel en dat die organisatie niet het oogmerk had op het plegen van valsheid in geschrift. Het feit dat een gerecht tot de slotsom komt dat een mogelijkheid die in de telastelegging ligt besloten niet kan worden bewezenverklaard, leidt niet tot nietigheid van de dagvaarding, mits de dagvaarding voldoende duidelijk is. En dat is ook het geval als de telastelegging zou hebben geluid zoals de advocaat en het hof haar hebben gelezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e2a07856fee2e0a441b0a743fdb5cce62a7d65139ff802ba10f4c84ac8b9b4e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e2a07856fee2e0a441b0a743fdb5cce62a7d65139ff802ba10f4c84ac8b9b4e, en de alinea staat in dat document op bytes 21488 tot 22430.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e2a07856fee2e0a441b0a743fdb5cce62a7d65139ff802ba10f4c84ac8b9b4e | shasum -a 256