Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2002
Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5297.
11. Gezien de beschikking van de rechtbank van 16 maart 2000 welke ten grondslag ligt aan de plaatsgevonden hebbende huiszoeking ter inbeslagneming, was de huiszoeking mede gericht op brieven en geschriften die kunnen dienen om de waarheid aan het licht te brengen. In zo'n geval kan de huiszoeking ter inbeslagneming zonder toestemming van de 'geheimhouder' plaatsvinden als sprake is van zeer uitzonderlijke omstandigheden. In de overwegingen van de rechtbank ter verwerping van het gevoerde verweer wordt dit laatste niet tot uitdrukking gebracht. Deze omissie in de overwegingen van de rechtbank behoeft echter niet tot cassatie te leiden nu wel in een overweging ten overvloede in de bestreden beschikking door de rechtbank niet onbegrijpelijk is vastgesteld dat sprake is van zeer uitzonderlijke omstandigheden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1364efe23285218b888704e20217a0db46bb12a11a342abb2b92ab23b4808acc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1364efe23285218b888704e20217a0db46bb12a11a342abb2b92ab23b4808acc, en de alinea staat in dat document op bytes 11099 tot 11929.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1364efe23285218b888704e20217a0db46bb12a11a342abb2b92ab23b4808acc | shasum -a 256