Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002
Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5355.
(i) In eerste aanleg is door B+R Holding en [eiser] in de conclusie van antwoord met zoveel woorden erkend dat zij met kopers een koopovereenkomst hebben gesloten, terwijl vervolgens in alle processtukken in eerste aanleg door B+R Holding en [eiser] het standpunt, dat zij beiden als verkopers zijn aan te merken consequent is volgehouden. Aldus is er sprake van een gerechtelijke erkentenis als bedoeld in art. 181 Rv, die op grond van het bepaalde in art. 181 lid 2 Rv onherroepelijk is, nu gesteld noch gebleken is dat een van de daar bedoelde uitzonderingen zich hier voordoet. Dat [eiser] in de desbetreffende koopovereenkomst niet als verkoper staat vermeld doet naast deze erkentenis niet terzake (rov. 4, eerste drie alinea's en eerste volzin vierde alinea).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a47813c268d19fc6a71390f0307677d2925165b65ec6baaa4997f5bc4fa0fd9c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a47813c268d19fc6a71390f0307677d2925165b65ec6baaa4997f5bc4fa0fd9c, en de alinea staat in dat document op bytes 18369 tot 19148.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a47813c268d19fc6a71390f0307677d2925165b65ec6baaa4997f5bc4fa0fd9c | shasum -a 256