Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002
Alinea 60 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5355.
2.9 Het ontwerp dat tot de bepaling van art. 181 lid 2 Rv leidde, was aldus geformuleerd dat de gerechtelijke erkentenis slechts kon worden herroepen "wegens onbekwaamheid, dwang, dwaling of bedrog". De bepaling werd echter bij nota van wijziging versoepeld, omdat een strikte aansluiting op de naar verhouding strenge regels van de wilsgebreken van het materiële vermogensrecht niet passend werd geacht. Dat leidde tot een nieuwe redactie waarbij het een voldoende beperking werd geacht "dat men alleen dan op een gerechtelijke erkentenis kan terugkomen, als aannemelijk is dat zij in dwaling of niet in vrijheid is afgelegd". Daarbij werd aangegeven dat "van een erkentenis onder invloed van dwaling (...) sprake (is) wanneer men door een misverstand tot een bekentenis is gekomen die men anders niet gedaan zou hebben. Herroeping van bewust onjuiste verklaringen blijft derhalve uitgesloten (...)".(16)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a47813c268d19fc6a71390f0307677d2925165b65ec6baaa4997f5bc4fa0fd9c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a47813c268d19fc6a71390f0307677d2925165b65ec6baaa4997f5bc4fa0fd9c, en de alinea staat in dat document op bytes 23997 tot 24917.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a47813c268d19fc6a71390f0307677d2925165b65ec6baaa4997f5bc4fa0fd9c | shasum -a 256