Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002

Alinea 83 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5355.

2.30 Tot slot zou ik nog willen opmerken, dat [eiser], die naar eigen zeggen met de economische eigendomsoverdracht de vermogenspositie van B+R Holding wilde versterken,(35) zich bewust is geweest van de aansprakelijkheidsrisico's die hij als juridisch eigenaar zou lopen. Uit de in nr. 1.2 sub (a) aangehaalde passage (onder 4-5) uit de akte van economische eigendomsoverdracht blijkt immers, dat B+R Holding zich er jegens [eiser] toe had verplicht om laatstgenoemde te vrijwaren voor alle aansprakelijkheid die hij als juridisch eigenaar jegens derden loopt en om ter afdekking van dit risico ten behoeve van [eiser] een aansprakelijkheidsverzekering met verzekering van kosten van rechtsbijstand af te sluiten. Door [eiser] is in de onderhavige procedure overigens niet gesteld, dat deze verzekering daadwerkelijk is afgesloten. Wel staat vast, dat voorzover [eiser] als één van de twee toenmalige bestuurders van B+R Holding al niet had kunnen bewerkstelligen, dat deze verzekering zou worden afgesloten, hij zulks op grond van de in de akte van economische eigendomsoverdracht vervatte overeenkomst rechtstreeks van B+R Holding had kunnen vorderen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a47813c268d19fc6a71390f0307677d2925165b65ec6baaa4997f5bc4fa0fd9c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a47813c268d19fc6a71390f0307677d2925165b65ec6baaa4997f5bc4fa0fd9c, en de alinea staat in dat document op bytes 43026 tot 44196.