Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002

Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5360.

Het onderdeel voert aan dat de tussenzin "(...) althans in de hoofden van de schuldeisers (...)" onbegrijpelijk is. Het onderdeel acht met name onduidelijk of ook het hof van oordeel is dat de rekeningen het loonbedrijf kunnen hebben betroffen dat [eiser] toentertijd uitoefende.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab, en de alinea staat in dat document op bytes 16430 tot 16722.