Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002
Alinea 57 Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5360.
Volgens het onderdeel had het hof specifiek moeten aangeven welke 'aanwijzingen' door welke getuigen worden bevestigd, in aanmerking genomen dat de in het geding gebrachte pachtakte dwingend bewijs oplevert en dat drie van de door [verweerder] c.s. voorgebrachte getuigen partij zijn, terwijl drie anderen in een familierechtelijke betrekking staan tot die partijgetuigen, zulks in verband met art. 213 lid 1 Rv.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab, en de alinea staat in dat document op bytes 20237 tot 20662.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab | shasum -a 256