Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002
Alinea 58 Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5360.
2.7 Op grond van art. 177 Rv ligt het in beginsel op de weg van [eiser] de door hem gestelde pachtovereenkomst te bewijzen. Hij heeft dit vooralsnog gedaan door de pachtakte in het geding te brengen die, zoals het onderdeel op zichzelf terecht opmerkt, tussen partijen en hun rechtsopvolgers onder algemene titel dwingend bewijs oplevert (art. 184 lid 2 Rv).(4) Dit betekent dat het op de weg lag van [verweerder] c.s. om tegenbewijs te leveren. De door het hof aan hen gegeven bewijsopdracht moet in die zin worden verstaan, zodat de klacht dat het hof de bewijskracht van de pachtakte heeft miskend, feitelijke grondslag mist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab, en de alinea staat in dat document op bytes 20719 tot 21361.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab | shasum -a 256