Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002
Alinea 70 Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5360.
2.15 De redenen in rov. 6 van het tussenarrest op grond waarvan het hof als peildatum voor de berekening van het door [eiser] in de boedel in te brengen bedrag, heeft gekozen voor 27 april 1989, blinken ook in mijn ogen niet uit door duidelijkheid.(9) Aangenomen moet worden dat het hof daarin heeft willen aansluiten bij de in de rechtspraak ontwikkelde regel(10) dat bij de verdeling van tot een gemeenschap behorende goederen, ter bepaling van hun waarde in beginsel moet worden uitgegaan van hun waarde ten tijde van de verdeling, maar dat uit hetgeen door partijen is overeengekomen en uit de eisen van redelijkheid en billijkheid kan voortvloeien dat hiervan wordt afgeweken. Kennelijk vond het hof dat in de bijzondere omstandigheden van het gegeven geval inderdaad reden is voor zo'n afwijking, hetgeen in de gegeven omstandigheden op zichzelf niet onbegrijpelijk is. Daarom kan middel II in zoverre geen doel treffen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab, en de alinea staat in dat document op bytes 25153 tot 26092.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cde86aefed462e71e271d2aaea4c3e3b15bfd5865aec5d88559ed37907f564ab | shasum -a 256