Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2002

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5368.

De toepasselijkheid van deze, inderdaad drastische, maatregel is evenwel onderworpen aan twee belangrijke voorwaarden. Allereerst dient de betrokkene schuldig bevonden te zijn aan een misdrijf, waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd. Met dit criterium is beoogd de toepasselijkheid te beperken tot gevallen van veroordeling wegens misdrijven die blijkens hun boetebedreiging tot de zware vermogensmisdrijven behoren. Te denken valt aan misdrijven als valsheid in geschrift, gekwalificeerde diefstal, afpersing en afdreiging, verduistering, verschillende vormen van bedrog, eenvoudige en bedrieglijke bankbreuk, heling en bepaalde misdrijven uit de Opiumwet. Ook andere misdrijven die in de sfeer van de zware (georganiseerde) misdaad worden begaan komen in beeld, zoals misdrijven uit de Wet wapens en munitie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bba7f23fd1055834a9d6c3b993c8a8e59e6467e898d803d8f73cc9e106ccd14c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bba7f23fd1055834a9d6c3b993c8a8e59e6467e898d803d8f73cc9e106ccd14c, en de alinea staat in dat document op bytes 10112 tot 10964.