Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2002

Alinea 54 Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5368.

16. De eerste drie klachten bepleiten dat het hof zonder nadere motivering niet had mogen aannemen dat het inbeslaggenomen geld (omgerekend f 1.292.000) verworven is met illegale activiteiten. Blijkens de nadere bewijsoverweging in de aanvulling verkort arrest heeft het hof aannemelijk geoordeeld dat verzoeker de hoeveelheid aangetroffen geld heeft verworven uit de handel in verdovende middelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bba7f23fd1055834a9d6c3b993c8a8e59e6467e898d803d8f73cc9e106ccd14c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bba7f23fd1055834a9d6c3b993c8a8e59e6467e898d803d8f73cc9e106ccd14c, en de alinea staat in dat document op bytes 20037 tot 20449.