Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2002
Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5595.
11. Het oordeel dat het niet aannemelijk is dat deze getuige binnen aanvaardbare termijn ter terechtzitting zou verschijnen, uitsluitend gebaseerd op de vaststelling dat van hem geen inschrijvingsadres bekend was en hij ten tijde van 's Hofs terechtzitting noch op een strafrechtelijke titel, noch op grond van de Vreemdelingenwet gedetineerd was, komt mij daarom voor onvoldoende met redenen omkleed te zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8ec07fed86fd746b6b4fe43dfb45877d6d4ab2c1561aef477d1720ddbfcd9d0a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8ec07fed86fd746b6b4fe43dfb45877d6d4ab2c1561aef477d1720ddbfcd9d0a, en de alinea staat in dat document op bytes 11465 tot 11887.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8ec07fed86fd746b6b4fe43dfb45877d6d4ab2c1561aef477d1720ddbfcd9d0a | shasum -a 256