Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002
Alinea 113 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5809.
2.35. Bij de bespreking van de derde klacht hebben de Staat en de Ontvanger geen belang. De door hen primair voorgestelde gedragsnorm bestond in 1982 en 1983 niet. Subonderdeel 1.3 bevat aan het slot nog een motiveringsklacht die op iets anders betrekking heeft, te weten: de weergave in rov. 3.1 van de subsidiaire grondslag van de vordering. Naar de letter genomen, is de klacht terecht. De door de Staat en de Ontvanger in appel subsidiair gestelde materiële norm houdt niet in dat de verkoper wist of behoorde te weten dat de vennootschap na de overdracht niet in staat zou zijn de belastingschuld te voldoen of vervangende bedrijfsmiddelen aan te schaffen. De subsidiair door de Staat en de Ontvanger bepleite materiële norm blijkt uit de memorie van grieven (zie alinea 1.6 hiervoor). Een gegrondbevinding van deze klacht behoeft geen consequenties te hebben. Het hof heeft zijn beoordeling gericht op de materiële norm zoals de Staat en de Ontvanger die in werkelijkheid subsidiair hebben aangevoerd. Die norm werd hiervoor reeds besproken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff083676f28b6fa33430462a812abd703eb5ef059a5b1fc855e160edd27a1880. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff083676f28b6fa33430462a812abd703eb5ef059a5b1fc855e160edd27a1880, en de alinea staat in dat document op bytes 71560 tot 72623.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ff083676f28b6fa33430462a812abd703eb5ef059a5b1fc855e160edd27a1880 | shasum -a 256