Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002

Alinea 51 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5809.

2.1. Een vennootschap die een bedrijfsmiddel verkoopt voor een hoger bedrag dan de boekwaarde op dat moment, maakt daarmee winst. Zij is over die winst vennootschapsbelasting verschuldigd in hetzelfde boekjaar. Indien de vennootschap het voornemen heeft het bedrijfsmiddel binnen afzienbare tijd te vervangen, stond de fiscale wetgeving toe dat de vennootschap in de boekhouding een zgn. vervangingsreserve vormt ter hoogte van het behaalde verkoopresultaat. Een dergelijke reserve wordt aanvankelijk niet als winst belast. De reserve valt vrij na vier jaar, tenzij de vennootschap voordien een vervangend bedrijfsmiddel heeft aangeschaft(9) of alsnog heeft afgezien van haar voornemen tot vervanging(10). Gedurende dit tijdvak is er dus sprake van een latente belastingschuld. De aantrekkelijkheid van de regeling is hierin gelegen dat de verplichting van de vennootschap tot betaling van vennootschapsbelasting over het verkoopresultaat naar de toekomst wordt verschoven. Deze fiscale regeling als zodanig staat in dit geding niet ter discussie(11).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff083676f28b6fa33430462a812abd703eb5ef059a5b1fc855e160edd27a1880. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff083676f28b6fa33430462a812abd703eb5ef059a5b1fc855e160edd27a1880, en de alinea staat in dat document op bytes 20414 tot 21478.