Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002
Alinea 94 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5809.
2.29. Voor een doorkruising van art. 40 Iw 1990 of van art. LVII Invoeringswet Iw 1990 behoeft m.i. niet te worden gevreesd(33). Aan de effectiviteit van beide wettelijke bepalingen wordt geen afbreuk gedaan. Indien en voor zover de ongeschreven gedragsregel in 1982 of 1983 reeds bestond, is er vanuit het oogpunt van rechtszekerheid geen reden om de begrijpelijke bezwaren, die de wetgever had tegen een terugwerkende kracht van art. 40 Iw 1990, door te trekken naar deze ongeschreven gedragsregel. Het voorgaande leidt tot een gegrondbevinding van onderdeel 2 (i.h.b. de subonderdelen 2.4, 2.6 en 2.8) en tot de verwerping van het incidenteel cassatiemiddel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff083676f28b6fa33430462a812abd703eb5ef059a5b1fc855e160edd27a1880. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff083676f28b6fa33430462a812abd703eb5ef059a5b1fc855e160edd27a1880, en de alinea staat in dat document op bytes 62930 tot 63604.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ff083676f28b6fa33430462a812abd703eb5ef059a5b1fc855e160edd27a1880 | shasum -a 256