Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2002

Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD5818.

21) Onderdeel 2, dat over de motivering van de centrale overwegingen uit de beslissing van het hof klaagt, miskent vooral het zojuist in al. 16 besprokene: het hof is tot de slotsom gekomen dat de man zijn financiële situatie, kort gezegd, op orde kon brengen en dat dat ook van hem verlangd mocht worden. Dit oordeel van het hof houdt nauw verband met de vaststelling, in rov. 3.4, dat de man op eigen initiatief en zonder voldoende noodzaak om een schuldsaneringsregeling heeft verzocht. Daarin ligt besloten, niet alleen dat de man in een eerder stadium ook een andere weg had kunnen kiezen, maar tevens dat hem ook nu nog mogelijkheden ten dienste staan om de impasse te doorbreken die hij - volgens deze vaststelling dus: zonder noodzaak - gecreëerd heeft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/26e30f725203898d76d8f4426fedf111b1df4096af7e37ce7459f04f4d26f130. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 26e30f725203898d76d8f4426fedf111b1df4096af7e37ce7459f04f4d26f130, en de alinea staat in dat document op bytes 24406 tot 25182.