Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002
Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD6093.
2.2. Vóór de totstandkoming van de eerste auteurswet bestond hier te lande een copijrecht dat de maker van geschriften bescherming bood tegen nadruk (het bekende: "nadruk verboden"). Met dit recht werd beoogd de prestatie, in het bijzonder de investering, van de drukker of uitgever te beschermen(6). Bezien vanuit dat oogmerk was het onverschillig of het uitgegeven geschrift wel of niet een eigen origineel karakter had en het persoonlijk stempel van de maker droeg. In de tweede helft van de negentiende eeuw is in binnen- en buitenland het besef gegroeid dat auteurs bescherming verdienen voor hun geestelijke schepping. De Auteurswet van 28 juni 1881, Stb. 124, bracht in art. 1 bescherming voor de auteur en schafte in art. 29 het vroegere copijrecht af, zij het met overgangsbepalingen. De omschrijving(7) van het auteursrecht in art. 1 en van het begrip "auteur"(8) in art. 2 van de Auteurswet van 1881 maakten het mogelijk de bescherming van geschriften tegen nadruk te behouden. De dikwijls aangehaalde jurisprudentie uit die tijd toont voorbeelden van de bescherming van een predikbeurtenlijst, een feestwijzer voor de Leidse drie oktoberviering en een schouwburgprogramma.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/caf06e02a9eab7d2d5a8f18cfd1b24a898666d4ad37a87ab146a6fd9e7b681bd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt caf06e02a9eab7d2d5a8f18cfd1b24a898666d4ad37a87ab146a6fd9e7b681bd, en de alinea staat in dat document op bytes 14262 tot 15462.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/caf06e02a9eab7d2d5a8f18cfd1b24a898666d4ad37a87ab146a6fd9e7b681bd | shasum -a 256