Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2002
Alinea 83 Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD6095.
"In de onderhavige kort geding-procedure dient op basis van (recente) Europees/merkenrechtelijke jurisprudentie (zie met name Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen d.d. 16 juli 1998, NJ 99, 392) tot voorlopig uitgangspunt te worden genomen dat aan de merkhouder de bevoegdheid toekomt om zich te verzetten tegen (parallel)import in de EER zonder diens toestemming door derden van onder het merkrecht vallende zaken die voor de eerste keer buiten de EER in het verkeer zijn gebracht. Zulks brengt met zich dat de door [A B.V.] c.s. verdedigde regel van mondiale uitputting geen bijval verdient. Voorts dient voorshands het door appellanten ingenomen standpunt - in essentie - dat te dezer zake doorslaggevend is de vraag of het door of vanwege de merkhouder aan de eerste afnemers uitdrukkelijk was verboden om de zaken aan afnemers binnen de EER af te leveren, bij het ontbreken van welk zodanig verbod dient te worden uitgegaan van een impliciet gegeven toestemming tot bedoelde aflevering, als niet steunend op het recht van de hand te worden gewezen."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c8ce92c6cb8ce0122857be67aee816fa3ab58a464215be52441d7c17fa3eb842. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c8ce92c6cb8ce0122857be67aee816fa3ab58a464215be52441d7c17fa3eb842, en de alinea staat in dat document op bytes 38540 tot 39618.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c8ce92c6cb8ce0122857be67aee816fa3ab58a464215be52441d7c17fa3eb842 | shasum -a 256