Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2002
Alinea 43 Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD6225.
Iets anders is of een lijk vatbaar is voor verhandeling in het zakelijk verkeer. De stellers van het middel merken terecht op dat het maatschappelijk onwenselijk zou zijn als een lijk verkocht of verhuurd zou kunnen worden en ik meen dan ook dat civielrechtelijk een lijk geen verhandelbaar goed is. Dat brengt echter nog niet mee dat een lijk geen goed in strafrechtelijke zin zou kunnen zijn en ook niet dat de door het hof gebezigde definitie van "goed" onjuist zou zijn. Het materiële strafrecht kent immers een autonoom begrippenstelsel waarbinnen aan begrippen die ook in civilibus gehanteerd worden een andere dan de civielrechtelijk gebruikelijke betekenis gegeven kan worden.(14) Dat laatste laat echter onverlet dat de strafrechter bij de uitleg van een in de strafwet voorkomend begrip te rade kan gaan bij de burgerrechtelijke uitleg daarvan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eefac2e7d23368895f31ced8eabe36de5224cd1d3e3ed72f45f2447ad6efcf65. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eefac2e7d23368895f31ced8eabe36de5224cd1d3e3ed72f45f2447ad6efcf65, en de alinea staat in dat document op bytes 21776 tot 22645.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eefac2e7d23368895f31ced8eabe36de5224cd1d3e3ed72f45f2447ad6efcf65 | shasum -a 256