Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD6628.
Het lijkt mij toe dat het verre van eenvoudig zal zijn om aannemelijk te maken dat de feiten inderdaad zo liggen(13) (en het in eerste aanleg gegeven oordeel dat de bewijslast op [eiser] rust, heeft [eiser] - naar ik meen terecht - niet aangevochten). Aan [eiser] mag echter niet de gelegenheid worden onthouden om de rechter zijn argumenten hiervoor, en zijn onderbouwing daarvan, ter beoordeling voor te leggen(14).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5aeafc482c48263056cf1ca282ccb26f07e136dbe05f8f924473d40424a6b8da. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5aeafc482c48263056cf1ca282ccb26f07e136dbe05f8f924473d40424a6b8da, en de alinea staat in dat document op bytes 13288 tot 13718.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5aeafc482c48263056cf1ca282ccb26f07e136dbe05f8f924473d40424a6b8da | shasum -a 256