Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002
Alinea 58 Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD6628.
15 Misschien moeten alinea's 5.5. en 5.6. van de cassatieschriftuur zo worden begrepen, dat ook wordt gesteld dat [betrokkene A] rechtstreeks - en dus niet slechts langs de omweg van (gedeeltelijk voltooide) verjaring - de eigendom van het omstreden perceelsgedeelte heeft gekregen, omdat zijn aankomsttitel zo moet worden uitgelegd. Uiteraard is ook dat een kwestie die niet in cassatie kan worden onderzocht. Ik kan in het midden laten of [eiser] in de feitelijke instanties al stellingen van deze strekking had aangevoerd. Het middel, zoals ik dat begrijp, klaagt er niet over dat het Hof aan stellingen van deze strekking voorbij heeft gezien, en daardoor zijn beslissing niet deugdelijk heeft gemotiveerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5aeafc482c48263056cf1ca282ccb26f07e136dbe05f8f924473d40424a6b8da. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5aeafc482c48263056cf1ca282ccb26f07e136dbe05f8f924473d40424a6b8da, en de alinea staat in dat document op bytes 20775 tot 21498.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5aeafc482c48263056cf1ca282ccb26f07e136dbe05f8f924473d40424a6b8da | shasum -a 256