Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002
Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD6981.
De oorspronkelijke bedoeling was dus dat een minimumstraf zou moeten worden opgelegd als iemand na veroordeling voor een van de in art. 438a opgesomde ernstige misdrijven wéér binnen een bepaalde periode schuldig zou worden verklaard aan een van die misdrijven. Amendement nr. 11 lichtte de artikelen 325 en 330 WvSrNA uit het voorgestelde art. 438a en bracht hen onder in een eigen art. 438b met de bovengenoemde motivering. Ik maak daaruit op dat het de bedoeling van het amendement was om voor de misdrijven van art. 325 en 330 een nog hogere minimumstraf te creëren dan waarin art. 438a WvSrNA reeds voorzag, maar onder overigens gelijkblijvende condities.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5fea2d1dec20edd546caee9bbb3f5ded8604674d78ea7a16d92158603381b630. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5fea2d1dec20edd546caee9bbb3f5ded8604674d78ea7a16d92158603381b630, en de alinea staat in dat document op bytes 17718 tot 18394.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5fea2d1dec20edd546caee9bbb3f5ded8604674d78ea7a16d92158603381b630 | shasum -a 256