Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002
Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD6981.
Eerder concludeerde ik in deze zaak tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep van verdachte omdat middelen van cassatie namens verdachte niet zouden zijn ontvangen. Naar achteraf blijkt berust dit op een vergissing. Op 31 augustus 2001 is een schriftuur van mr G. Spong, advocaat te Amsterdam, ontvangen, houdende één middel van cassatie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5fea2d1dec20edd546caee9bbb3f5ded8604674d78ea7a16d92158603381b630. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5fea2d1dec20edd546caee9bbb3f5ded8604674d78ea7a16d92158603381b630, en de alinea staat in dat document op bytes 33478 tot 33845.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5fea2d1dec20edd546caee9bbb3f5ded8604674d78ea7a16d92158603381b630 | shasum -a 256