Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002
Alinea 91 Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD6981.
6 In DD 92.287 was een straf opgelegd die het wettelijk strafmaximum oversteeg en die alleen mogelijk was als de recidive bij de straftoemeting was betrokken. De Hoge Raad heeft zijn standpunt nadien nog herhaald in HR DD 94.133. Dat betrof evenwel een geval waarin met een beroep op de recidive een straf was opgelegd van acht maanden, beduidend lager dan de straf die op het delikt zonder strafverwarende omstandigheden was gesteld. De Hoge Raad casseerde omdat de straf mede was gemotiveerd met een beroep op art. 421 Sr - welke bepaling ook in het arrest was aangehaald - terwijl de recidive niet bij dagvaarding dan wel mondeling was telastegelegd. De Hoge Raad bepaalde vervolgens zelf de straf op zes maanden, zoals in hoger beroep ook was gevorderd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5fea2d1dec20edd546caee9bbb3f5ded8604674d78ea7a16d92158603381b630. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5fea2d1dec20edd546caee9bbb3f5ded8604674d78ea7a16d92158603381b630, en de alinea staat in dat document op bytes 37663 tot 38433.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5fea2d1dec20edd546caee9bbb3f5ded8604674d78ea7a16d92158603381b630 | shasum -a 256