Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2002

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD7013.

12. Daaruit volgt dat de aansprakelijkheid voor toegebrachte schade moet worden beoordeeld naar de in het civielrecht geldende maatstaven, zoals in art. 36f Sr met zoveel woorden tot uitdrukking is gebracht. Dat dit evenzeer heeft te gelden met betrekking tot de vordering van de benadeelde partij volgt reeds uit de één en andermaal benadrukte omstandigheid dat de mogelijkheid voor een benadeelde partij zich met een vordering in de strafprocedure te voegen is voorzien teneinde die gelaedeerde een snellere, goedkopere en eenvoudiger mogelijkheid te verschaffen de vordering te doen die ook aan de burgerlijke rechter voorgelegd zou kunnen worden, vgl Kamerstukken II, 1989/1990, 21 345, nr 3, p. 9 en Kamerstukken II, 1990/1991, 21 345, nr 5, p.5.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cc428031ab7dda84e484e29419d7cee86c1ef3cdf469285d482efb349bc6f3d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cc428031ab7dda84e484e29419d7cee86c1ef3cdf469285d482efb349bc6f3d6, en de alinea staat in dat document op bytes 12647 tot 13413.