Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2002

Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD7021.

8. Dat het Hof niet heeft bewezenverklaard dat de verdachte op 25 april 1999 het slachtoffer littekens in het gelaat heeft toegebracht, doet aan het vorenoverwogene niet af. Kennelijk heeft het Hof - niet onbegrijpelijk - geoordeeld dat de littekens die het gevolg zijn van de op 25 april toegebrachte verwondingen niet als op die datum toegebracht letsel kunnen worden beschouwd. Nu het Hof blijkens de gebezigde bewijsmiddelen daarnaast heeft vastgesteld dat de littekens in het gezicht van het slachtoffer het directe gevolg zijn van de door de verdachte toegebrachte verwondingen, belette geen enkele rechtsregel het Hof bij de beoordeling van de vraag of die verwondingen als zwaar lichamelijk letsel kunnen worden aangemerkt met die littekens rekening te houden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/78e4e54c2e7648f3dbe33bb84c2f8201e9ea0dd7b9f7ec30b0630f323215c02d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 78e4e54c2e7648f3dbe33bb84c2f8201e9ea0dd7b9f7ec30b0630f323215c02d, en de alinea staat in dat document op bytes 7175 tot 7958.