Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2002
Alinea 118 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD7321.
Onder deze omstandigheden lag het mijns inziens toch op de weg van [verweerder] om met andere argumenten dan dat de huuropbrengsten er nu eenmaal waren, in de feitelijke instanties specifiek te motiveren waarom deze opbrengsten in het onderhavige geval analoog aan art. 6:100 BW moeten worden meegewogen bij de wijziging van de overeenkomst. Hij heeft dat niet gedaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea5bdc1b3f01d73b14ebb6a18f9cfe42862c53a4e51be7585dda44c0900c8954. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea5bdc1b3f01d73b14ebb6a18f9cfe42862c53a4e51be7585dda44c0900c8954, en de alinea staat in dat document op bytes 55314 tot 55695.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ea5bdc1b3f01d73b14ebb6a18f9cfe42862c53a4e51be7585dda44c0900c8954 | shasum -a 256