Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2002

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD7341.

Opmerking: wellicht heeft dit verschil tussen oude en nieuwe art. 197 Rv. te maken met het geruisloos verdwijnen van art. 116 lid 2 Rv oud in het huidige art. 204 Rv. Bedoeld lid bepaalde namelijk: "Hij zal op nieuw worden gedagvaard te zijnen kosten". Naar aanleiding van dit lid heeft Van Rossem-Cleveringa opgemerkt dat art. 108a Rv. oud in wezen overbodig was: de rechter moest op grond van art. 116 lid 2 Rv. oud immers toch opnieuw dagvaarden (zie aantekening 1 bij 108a, blz. 516). De wetgever beoogde met art. 197 Rv. misschien vast te leggen, enerzijds haar idee dat de enkele oproeping bij brief niet hetzelfde is als die bij dagvaarding, anderzijds het wegnemen van de in verband met art. 116 lid 2 Rv. oud ten onrechte gesuggereerde discretionaire bevoegdheid (die overigens in de literatuur en jurisprudentie wel werd aangenomen) van art. 108a. Rv. oud.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/64e13c2e38192ff91135b0a541ec4bfc4b9c21ec46df8668124b57a2156bdfbd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 64e13c2e38192ff91135b0a541ec4bfc4b9c21ec46df8668124b57a2156bdfbd, en de alinea staat in dat document op bytes 16298 tot 17180.