Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2002

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD7341.

De wet biedt de rechter wel discretionaire ruimte omdat uit de wetsgeschiedenis van de Nieuwe regeling van het bewijsrecht in burgerlijke zaken, wetten van 3 december 1987, Stb. 590-592, met betrekking tot het huidige art. 197 niet blijkt dat het de bedoeling van de wetgever is geweest, de inhoud van het artikel te wijziging. Nu art. 108a Rv. oud de rechter een discretionaire bevoegdheid toekende, kan m.i. gezien de memorie van toelichting (zie hieronder onderstreepte passage) bij het huidige artikel, niet anders worden geconcludeerd dan dat het de bedoeling van de wetgever is geweest deze betekenis te handhaven. Dit blijkt ook uit het feit dat tijdens de behandeling van het artikel geen aandacht aan dit aspect is besteed.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/64e13c2e38192ff91135b0a541ec4bfc4b9c21ec46df8668124b57a2156bdfbd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 64e13c2e38192ff91135b0a541ec4bfc4b9c21ec46df8668124b57a2156bdfbd, en de alinea staat in dat document op bytes 17256 tot 18003.