Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2002
Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD7342.
Daarom is met het verschijnsel waarom het in dit geding gaat - namelijk de rechtspositie van de uitvinder-werknemer(6) - een aanzienlijk maatschappelijk belang gemoeid. De situatie waarin die rechtspositie aan de orde is, doet zich bij de overgrote meerderheid van octrooieerbare uitvindingen voor. Voor de doelstellingen die met het octrooirecht worden beoogd, is het allicht van eminent belang , wie als rechthebbende ten aanzien van de in dat rechtsgebied erkende rechten moet worden aangemerkt - en van bijna even veel belang, of aan de erkenning als rechthebbende mogelijk nog (zwaarwegende) verplichtingen ten opzichte van een ander verbonden zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/901d147269aab3e8df133e098be7bf77078e78657d36860386faa05726fdcb95. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 901d147269aab3e8df133e098be7bf77078e78657d36860386faa05726fdcb95, en de alinea staat in dat document op bytes 11950 tot 12617.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/901d147269aab3e8df133e098be7bf77078e78657d36860386faa05726fdcb95 | shasum -a 256