Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD7372.

De betekeningsmogelijkheden aan de woonplaats van de gedaagde worden zowel in art. 2 van het Ontwerp Landsverordening houdende vaststelling van de tekst van het eenvormig Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (art. 2) als in het Nederlandse wetsvoorstel 26 855 tot Herziening van het procesrecht voor burgerlijke zaken, in het bijzonder de wijze van procederen in eerste aanleg (art. 1.6.2), uitgebreid. De deurwaarder kan ook afschrift laten aan een andere persoon die zich aan de woonplaats van de geëxploiteerde bevindt en van wie aannemelijk is dat deze zal bevorderen dat het afschrift de geëxploiteerde bereikt (art. 2 RvNA nieuw). Art. 1.6.2 spreekt over degene voor wie het exploot is bestemd in plaats van de geëxploiteerde, maar verder is de uitbreiding dezelfde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0e6e237e2cde6b5c30ed025cf330a510e4bfd4ae537dc0f8e131fa4e9bae246a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0e6e237e2cde6b5c30ed025cf330a510e4bfd4ae537dc0f8e131fa4e9bae246a, en de alinea staat in dat document op bytes 14876 tot 15668.