Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002
Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD7780.
15. In het laatste onderdeel van het middel wordt gesteld dat het hof ten onrechte niet heeft gerespondeerd op het verweer dat geen sprake is van cannabis. De steller van het middel is zich bewust dat niet in alle gevallen sprake moet zijn van een (laboratorium)onderzoek wil bewezenverklaard kunnen worden dat sprake is geweest van hennep. Ten onrechte veronderstelt de steller van het middel echter dat de achtergrond van deze jurisprudentie zou zijn dat indien wel een onderzoek zou hebben plaatsgevonden vastgesteld zou zijn dat het ging om drugs. In het middel wordt aan deze veronderstelling de consequentie verbonden dat nu in casu, kennelijk door de slechte kwaliteit van de monsters, geen onderzoek kon plaatsvinden er dus geen sprake was van hennep. Deze opvatting vindt geen steun in het recht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/30c7dcd0eff49b57409559fcc1468c6e6a1ff95d600d2d2ee9e761295fb0c5e8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 30c7dcd0eff49b57409559fcc1468c6e6a1ff95d600d2d2ee9e761295fb0c5e8, en de alinea staat in dat document op bytes 13425 tot 14243.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/30c7dcd0eff49b57409559fcc1468c6e6a1ff95d600d2d2ee9e761295fb0c5e8 | shasum -a 256