Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002
Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8044.
4. De Kantonrechter te Terneuzen heeft bij tussenvonnis van 30 september 1998 vooropgesteld dat de in art. 7:680 lid 5 BW voorziene matigingsbevoegdheid ter zake van de gefixeerde wettelijke schadevergoeding bij onregelmatige beëindiging van de dienstbetrekking, ingevolge de rechtspraak van de Hoge Raad analoog kan worden toegepast in geval van nietig ontslag en daarmee gelijk te stellen gevallen, dat de rechtsstrijd in casu betrof de vraag of tussen partijen een arbeidsovereenkomst bestond en dat ook in een dergelijk geval de mogelijkheid bestaat van analoge toepassing van art. 7:680 lid 5 BW. De Kantonrechter heeft voorts vooropgesteld dat ingevolge het in kracht van gewijsde gegane vonnis van de Kantonrechter te Oostburg van 28 oktober 1993 vaststaat dat [eiseres] gehouden is aan [verweerster] te betalen wat haar toekomt en ook op welke rechtsgrond die plicht van [eiseres] berust, doch dat de omvang van het recht van [verweerster] en de daarmee corresponderende plicht van [eiseres] dient te worden bepaald in de onderhavige schadestaatprocedure waarin alsnog een beroep op de rechterlijke matigingsbevoegdheid kan worden gedaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b76aacbfd9473e22f98f9108ce71d1c2eadfa81a8979c764fda993e13b3c4699. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b76aacbfd9473e22f98f9108ce71d1c2eadfa81a8979c764fda993e13b3c4699, en de alinea staat in dat document op bytes 8714 tot 9874.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b76aacbfd9473e22f98f9108ce71d1c2eadfa81a8979c764fda993e13b3c4699 | shasum -a 256