Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2002
Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8188.
Het oordeel dat het hof over het toen te beoordelen gedrag had gegeven, hield o.m. in dat dat gedrag als roekeloos moest worden aangemerkt, en dat de chauffeur moet hebben geweten althans hebben behoren te begrijpen dat de kans op diefstal zeer aanzienlijk was; waarmee volgens het hof aan de maatstaf voor doorbreking waar de art. 29 CMR/art. 8:1108 BW op doelen, was voldaan. Daarmee gaf het hof, in het licht van de zojuist aangehaalde maatstaf zoals neergelegd in het arrest van de Hoge Raad, in verschillende opzichten blijk van een onjuiste rechtsopvatting (nl., kort gezegd, in die zin dat wetenschap dat de kans op diefstal zeer aanzienlijk is op zichzelf niet voldoende is, én in die zin dat "hebben moeten weten of behoren te begrijpen" niet mag worden gelijkgesteld met "zich bewust zijn dat").
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/60764fffd9419997b47acf0fd822174a4340a46a96146c140a6bbe05e5dcf4cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 60764fffd9419997b47acf0fd822174a4340a46a96146c140a6bbe05e5dcf4cf, en de alinea staat in dat document op bytes 12591 tot 13410.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/60764fffd9419997b47acf0fd822174a4340a46a96146c140a6bbe05e5dcf4cf | shasum -a 256