Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 december 2002
Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 6 december 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8510.
De Staatssecretaris stelt één middel van cassatie voor dat erop neerkomt dat 's Hofs oordeel rechtens onjuist dan wel onbegrijpelijk is, omdat (i) de belastingverijdeling, anders dan het Hof oordeelt, niet door de verkoop, maar door het samenstel van rechthandelingen, inclusief dividenduitkeringen, wordt bewerkstelligd, (ii) het Hof ten onrechte de inspecteur dwingt de heffing aan te knopen bij de verkoop terwijl het de fiscus vrijstaat juist die verkoop te negeren met behulp van een beroep op fraus legis, zodat van aanknopen van heffing bij die (geëlimineerde) verkoop geen sprake kan zijn, en (iii) het in casu om de dividendbelasting gaat, die geheven wordt ter zake van uitdelingen door de vennootschap, en er op het moment van de aandelenverkoop, die zich buiten de vennootschap om afspeelt, geen uitdeling voordoet, zodat de inspecteur terecht heeft aangeknoopt bij de uitdelingen door de belanghebbende aan haar moedervennootschap.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a718fde04b38d56be01767adda3684f60459a070b56885297043d364dc16c549. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a718fde04b38d56be01767adda3684f60459a070b56885297043d364dc16c549, en de alinea staat in dat document op bytes 7641 tot 8601.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a718fde04b38d56be01767adda3684f60459a070b56885297043d364dc16c549 | shasum -a 256