Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2002
Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 januari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8646.
3.4. Gelet op het bepaalde in art. 430 lid 1 Sv is de Advocaat-Generaal slechts ontvankelijk in haar cassatieberoep indien de gegeven vrijspraak onzuiver is. Daarvan is onder meer sprake indien moet worden aangenomen dat het hof door vrij te spreken van het onder 3. tenlastegelegde niet op de grondslag van de tenlastelegging heeft beslist. Met een grondslagverlating dient gelijkgesteld te worden de situatie dat het hof ten onrechte een vordering tot wijziging van de tenlastelegging ex art. 313 Sv heeft afgewezen, tenzij uit de motivering van de vrijspraak volgt dat deze geheel los staat van de door het Openbaar Ministerie beoogde maar niet toegelaten wijziging(2). Het hof heeft vrijgesproken van het onder 3. tenlastegelegde omdat het dit feit niet wettig en overtuigend bewezen heeft geacht. Nu hieruit niet kan volgen dat de vrijspraak los staat van de gevorderde wijziging van de tenlastelegging in hoger beroep, is te dezen dus beslissend of het hof genoemde vordering ten onrechte heeft afgewezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3f8df0fe47d75303e3955600cfb12f117c54fc910bc889a2704ef5a02fe3ae74. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3f8df0fe47d75303e3955600cfb12f117c54fc910bc889a2704ef5a02fe3ae74, en de alinea staat in dat document op bytes 9866 tot 10890.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3f8df0fe47d75303e3955600cfb12f117c54fc910bc889a2704ef5a02fe3ae74 | shasum -a 256