Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2002
Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8741.
11. Daarom meen ik dat er, in ieder geval wat de behandeling van een ontnemingszaak in de cassatiefase betreft, geen reden is om af te wijken van het uitgangspunt dat het verstrijken van méér dan vierentwintig maanden tussen het instellen van het rechtsmiddel en het bereiken van een uitspraak in beginsel een overschrijding van de redelijke termijn vormt (in gelijke zin de conclusie van mijn ambtgenoot Jörg voor de zaak met griffienummer 03781/00/P).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae9fb21120727f7d777ac739792ee81b37bf209bda1bcdd636ab9cca2d90f0ac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae9fb21120727f7d777ac739792ee81b37bf209bda1bcdd636ab9cca2d90f0ac, en de alinea staat in dat document op bytes 8818 tot 9288.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ae9fb21120727f7d777ac739792ee81b37bf209bda1bcdd636ab9cca2d90f0ac | shasum -a 256