Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002
Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8873.
12. Dat de Hoge Raad een dergelijke eis voor het gebruik van een verklaring als kennelijk leugenachtig stelt is mij onbekend, maar men zou hiervoor aan de wetgeschiedenis wel een argument kunnen ontlenen, nu de Memorie van Toelichting op het Wetboek van Strafvordering inhoudt dat rechter zelfs aan een ontkenning van de verdachte van bepaalde feiten bewijs mag ontlenen indien die feiten "van elders vaststaan."(1)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6, en de alinea staat in dat document op bytes 10151 tot 10579.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6 | shasum -a 256