Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002
Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8873.
13. Indien men, zoals de Hoge Raad, tegen de oppositie van enkele schrijvers in (zie Melai/Groenhuijsen, de commentaar, aant. 5 op art. 341; Prakken, Bewijs als toetssteen strafrecht, in: Recht, macht en manipulatie (1976); Van Veen, noot bij HR 22 september 1992, NJ 1993, 55; Nijboer, Strafrechtelijk bewijsrecht, 4e, p. 235-236, Corstens, handboek, 3e, p. 622; gereserveerd ook: Knigge, Het wettelijk bewijsstelsel, in: Leerstukken van strafprocesrecht, 5e, p. 131-132; ikzelf heb mij er ook wel afwijzend tegenover opgesteld, SMM 11e, p. 259) toelaatbaar acht dat de kennelijke leugenachtigheid van een verklaring van een verdachte tot bewijs van feiten wordt gebruikt, meen ik dat een zover gaande inperking als het middel beoogt niet voor de hand ligt. Het klassieke geval - het kwam mij ook onlangs nog weer onder ogen - is toch dat een verdachte begint te ontkennen dat hij de vrouw die aangifte van verkrachting heeft gedaan, kent, vervolgens toegeeft haar wel ontmoet te hebben, maar ontkent haar aangeraakt te hebben, vervolgens erkent haar te hebben gestreeld, maar ontkent gemeenschap te hebben gehad, en tenslotte erkent wel gemeenschap te hebben gehad, maar met wederzijdse instemming. Dat de gemeenschap tegen de wil van de vrouw heeft plaats gevonden staat niet vast (één getuige-probleem), maar komt wel vast te staan door het gedraai van de verdachte. Doordat niet elk element van een tenlastelegging met twee bewijsmiddelen behoeft te worden belegd kan evenwel in de bewijsconstructie achterwege blijven dat de eerdere verklaringen van de verdachte kennelijk leugenachtig waren, bedoeld om de waarheid te bemantelen, en kan volstaan worden met de verklaring van het slachtoffer over de onvrijwilligheid van de gemeenschap, in samenhang met beider verklaring over de gemeenschap.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6, en de alinea staat in dat document op bytes 10599 tot 12412.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6 | shasum -a 256