Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002
Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8873.
16. Niettemin zal niet iedere correctie door een verdachte van een eerder afgelegde verklaring mogen leiden tot het oordeel dat de eerdere verklaring daarom kennelijk leugenachtig is (cf. conclusie van A-G Meijers, punt 12 voor/en HR 29 maart 1988, NJ 1989, 14, r.o. 6.1). Daarvoor zal steun uit onverdachte bron moeten komen. Ieder mens kan toch bij nader inzien, na zijn geheugen nog eens flink aan het werk te hebben gezet, een enigszins afwijkende maar niettemin waarheidsgetrouwe herinnering krijgen? In ieder geval zal moeten vast staan wat de verdachte precies wilde bemantelen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6, en de alinea staat in dat document op bytes 13302 tot 13901.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6 | shasum -a 256