Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8873.

21. Moet de gegrondheid van de klacht tot cassatie leiden? Dat zou niet nodig zijn indien de overige bewijsmiddelen voldoende overtuigingskracht hebben en de verklaringen van verzoeker in wezen als ten overvloede gebruikte bewijsmiddelen kunnen worden beschouwd. Daar is wel iets voor te zeggen, omdat de bewijsconstructie door weglating van de verklaringen van verzoeker eerder sterker dan zwakker wordt. Aan de andere kant kan men ook zeggen dat het hof met de opname van deze verklaringen onder de bewijsmiddelen een bepaalde bedoeling heeft gehad die evenwel niet uit de verf komt, hetgeen de bewijsconstructie onbegrijpelijk maakt, met name door een element van onzekerheid te creëren: heeft de levensberoving op 30 september of op 3 oktober 1999 plaats gevonden?

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 06f76b749c0b1a5112ed230e148a3d7a5471e54553e4cf397036863c595343a6, en de alinea staat in dat document op bytes 18834 tot 19616.