Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 april 2002

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 16 april 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 april 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8887.

7. Voorts dient in het oog gehouden te worden dat het namens verzoeker gevoerde verweer niet méér inhield dan dat de mogelijkheid bestond dat de aanleiding voor het onderzoek naar uitkeringsfraude gelegen is geweest in het onrechtmatige binnentreden in verzoekers woning.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ca2f7e9938bb5baadd03fc52e3a38c5d1e63885140b56572f6ef654f38ff78c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ca2f7e9938bb5baadd03fc52e3a38c5d1e63885140b56572f6ef654f38ff78c5, en de alinea staat in dat document op bytes 9712 tot 9998.