Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002
Alinea 20 Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8903.
10. Mijns inziens behoort tot een goede procesvoorbereiding het - met een tolk - beluisteren van vertolkte verhoren die op video zijn opgenomen en in processen-verbaal neergelegd. Voor zover hiertegen ingebracht zou worden dat hier geen beginnen aan was vanwege de omvang van de vertolkte verhoren, zou ik menen dat in ieder geval de vertolking van de door de rechtbank tot bewijs gebezigde verklaringen vóór de aanvang van de terechtzittingen in hoger beroep had kunnen worden gecontroleerd door de verdediging. De verdediging was dan ook de vertolkte verklaring van [medeverdachte] tegengekomen (bewijsmiddel 31 in de aanvulling op het vonnis). Het op video opnemen van verhoren is bepaald niet een activiteit waartoe de Nederlandse politie zonder aandrang van de advocatuur is overgegaan, teneinde niet alleen de wijze van verhoren te kunnen controleren, maar ook de weergave daarvan in de processen-verbaal - dus ook de weergave van de vertolking daarvan. Indien de eerste overweging van het hof moet worden verstaan als: Gij, verdediging, zijt hierin tardief, is dat niet onbegrijpelijk.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f0bbeafe143f333814f49b41b7181473d5414fb10f30b9b8c94ca241830447c6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f0bbeafe143f333814f49b41b7181473d5414fb10f30b9b8c94ca241830447c6, en de alinea staat in dat document op bytes 10098 tot 11205.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f0bbeafe143f333814f49b41b7181473d5414fb10f30b9b8c94ca241830447c6 | shasum -a 256