Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002

Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8903.

38. Het onderzoek naar de rechterlijke onpartijdigheid heeft een subjectieve en een objectieve kant in de rechtspraak van het EHRM. De subjectieve kant betreft de persoonlijke overtuiging (van schuld of onschuld etc.) van de rechter in een bepaalde zaak. Zijn persoonlijke onpartijdigheid wordt verondersteld zolang het tegendeel niet is bewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f0bbeafe143f333814f49b41b7181473d5414fb10f30b9b8c94ca241830447c6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f0bbeafe143f333814f49b41b7181473d5414fb10f30b9b8c94ca241830447c6, en de alinea staat in dat document op bytes 28876 tot 29235.